Fase 6 van het netwerkgesprek: De perfecte Netwerkpitch

In het vorige artikel las je hoe het stellen van goede vragen kan leiden tot vertrouwen en interesse in jouw diensten. Daarna krijg je vaak de vraag “en wat doe jij?”.

Het antwoord dat jij dan geeft, is belangrijker dan je misschien denkt. Veel dienstverleners die deze vraag krijgen, noemen simpelweg hun functie. Bijvoorbeeld “ik ben advocaat”of “ik ben accountant”. Of ze praten in vaktaal: “Ik ben craniosacraal therapeut”.

Dat is vast een mooi beroep, maar wat heeft de ander eraan? Je vertelt niet duidelijk wat je echt te bieden hebt. Het gevolg is dat mensen het zelf gaan invullen. Onbewust denken ze aan een echtscheidingsadvocaat terwijl jij gespecialiseerd bent in ondernemingsrecht. Of: accountant, pfff ik moet mijn belasting nog doen. Hun gedachten dwalen af en ze zullen niet doorvragen wat je voor hun relaties kunt betekenen. Een gemiste kans!

De kracht van je netwerk zit in de tweede graad. Natuurlijk kunnen jouw eigen relaties ooit klant worden, maar dat geldt niet voor iedereen die je kent. Zij hebben wél allemaal hun eigen netwerk. Als ze iemand spreken die behoefte heeft aan jouw expertise, dan wil je vast dat ze jou aanbevelen. Dan moeten ze natuurlijk wel weten hoe jij kunt helpen.

Vandaar dat een goede netwerkpitch zo belangrijk is. De ideale netwerkpitch maakt meteen helder voor welk probleem of vraagstuk jij de oplossing hebt, wie je helpt (jouw doelgroep) en wat daar het resultaat van is. Zo weten zij meteen hoe jij dat probleem voor hen kunt oplossen. Of aan wie zij je kunnen koppelen: iemand die met dat vraagstuk kampt.

De perfecte netwerkpitch bestaat dus uit vier elementen:
1. het probleem of vraagstuk waarvoor jij een oplossing hebt,
2. wie je helpt met jouw oplossing (jouw ideale klant),
3. de oplossing (jouw dienst),
4. wat jouw oplossing oplevert (het resultaat).

Geef daarna een voorbeeld, zodat de ander echt snapt wat jij te bieden hebt. Zo creëer je een ‘Sticky Story’, een verhaal dat goed blijft hangen, zodat jouw netwerk je kan aanbevelen als ze iemand spreken met het probleem dat jij kunt oplossen.

Voorbeeld van een netwerkpitch
Mijn eigen pitch: “Ik help zakelijke dienstverleners die een hekel hebben aan acquisitie om meer klanten te krijgen via hun netwerk. Dat doe ik door het geven van netwerk- en LinkedIn-trainingen, waarin zij leren hoe ze hun netwerk beter kunnen benutten. Een van mijn klanten, een advocaat, vertelde mij dat hij sinds mijn training één à twee nieuwe klanten per maand krijgt, waarmee zijn kantoor een aanzienlijke omzetstijging heeft gerealiseerd.”

Let wel op: het gevaar is dat je jouw pitch als een ‘riedeltje’ gaat opdreunen. Dat zie ik weleens als iemand nog moet oefenen. Hak jouw pitch dus in ‘blokjes’. Spreek rustig, haal adem na elk blokje en let op de (non-)verbale reacties van de ander. Geef hem de kans om tussendoor vragen te stellen: een dialoog is prettiger dan een monoloog. Het gaat erom dat je jouw boodschap duidelijk overbrengt. De manier waarop, zal per gesprek verschillen.

Wat is jouw netwerkpitch? Experimenteer met verschillende versies van jouw pitch en kijk wat het beste werkt.